Behandeling orthomanuele therapie

De patiënt ligt tijdens de behandeling op de zij of op de buik. De behandeling van de wervelkolom geschiedt door een lichte druk uit te oefenen in de juiste richting op een wervel of op een rib. Daarbij wordt géén knappend geluid gehoord, zoals bij de andere manuele geneeswijzen. In de normaalstand aangekomen, wordt de wervel of het gewricht weer opgenomen in de aansturing door het zenuwstelsel. De verstorende invloed verdwijnt. Het gaat niet zomaar weer scheef staan.

Het lichaam verdraagt een beperkt aantal correcties per keer. Deze correcties moeten bovendien in een zeer specifieke volgorde uitgevoerd worden, anders lukt de behandeling niet.

Het vraagt daarom soms een aantal zittingen om de gehéle wervelkolom én het bekken én de gewrichten van armen en benen te corrigeren.

Lang bestaande, uitgebreide scheefstand, zoals bij iemand die voor het eerst komt en een bekkenverwringing heeft, kan 3 zittingen nodig hebben. Als later weer eens klachten optreden, is  de recidief scheefstand meestal in 1 zitting te corrigeren.

Tijdelije bijwerkingen orthomanuele therapie

Na een behandeling kunt u spierpijn krijgen of kunnen zich klachten op andere plaatsen openbaren. Dat is tijdelijk. Doorgaans is dat binnen 3 dagen verdwenen. Ook komt het voor dat men zich wat "vreemd" voelt of wat licht in het hoofd is. Ook dit verdwijnt weer. Mocht u ergens ongerust over zijn, neem dan contact met de behandelend arts op.

Nadelige effecten

Onder toezicht van de Erasmus Universiteit is een onderzoek naar de waarde van orthomanuele geneeskunde uitgevoerd (Albers en Keizer 1990). Een van de doelen was het traceren van mogelijke nadelige effecten van de behandeling. Onder bijna 3000 cliënten werden geen nadelige effecten aangetroffen die toe te schrijven waren aan de behandeling met orthomanuele geneeskunde.

Verschil met andere methoden

Het onderkennen van vijf mogelijkheden van wervelscheefstand -met voor elk van die mogelijkheden een bijpassende fixatie van een inter-vertebraal gewricht waaruit direct de therapeutische correctie valt af te leiden- is een nieuw gegeven binnen de manuele geneeswijzen. Deze ontleding in posities met bijbehorende verplaatsingen en fixaties in de wervelgewrichten zijn wij in andere literatuur dan die van Sickesz niet tegengekomen.

Het beoordelen van de perifere gewrichten op hun symmetrie van vorm en niet op hun functioneren is eveneens onbekend bij de andere vormen van manuele geneeswijzen.

De invloed van de bekkenverwringing op de gehele wervelkolom; de wetmatigheid in het optredende torsiepatroon van de wervelkolom met de lateroflexiestanden van de individuele wervels, alsmede de hieruit voortvloeiende wijze van behandelen, is uitsluitend door Sickesz beschreven.

Het gebruikmaken van de nauwe relatie tussen de ribben en de thoracale wervels voor de diagnostiek van de wervelscheefstand, alsmede de systematische, geïntegreerde behandeling ervan, komt bij andere methoden niet voor.

Bij de gangbare manuele geneeswijzen wordt getracht de te behandelen afwijking(en) in één zitting middels manipulatie te verhelpen. Indien dat niet lukt of als de patiënt klachten blijft houden wordt in een volgende zitting de manipulatie nog eens herhaald met dezelfde of een andere handgreep. Bij de orthomanuele geneeskunde is dat niet zo. De patiënt komt niet terug om dezelfde functiestoornis te laten behandelen, maar om een verdere correctie te ondergaan, geen herhaling van de vorige behandeling dus. Elke onderscheiden wervelpositie kent immers zijn specifieke corrigerende benadering. Deze empirisch gevonden noodzakelijke volgorden van behandeling van de wervelscheefstanden en de bekkenverwringing is aan de andere methoden onbekend

In verband met de hierboven al vermelde waarde die gehecht wordt aan de invloed van een scheefstaande wervel, wordt het eenmaal opgestelde behandelingsplan volledig afgemaakt, óók al is de patiënt inmiddels klachtenvrij! Dit is eveneens een onderscheid met andere vormen van manuele geneeswijzen, waar de behandeling stopt als de patiënt klachtenvrij of voldoende verbeterd is.

Klachtencommissie

Mocht u klachten hebben over de behandeling, bespreek dit dan met uw arts. Eventueel kunt u voor uw klacht de bemiddeling inroepen van de Klachtencommissie van de Stichting Samenwerkende Gezondheidscentra Lelystad (SSGL), waar de Atlas bij is aangesloten.

Het secretariaat verstrekt u hiervoor de benodigde gegevens.